Grace Lidinsky-Smith en Corinna: wat affirmerende therapie miste
Twee Amerikaanse detransitioners vertellen wat er in hun gendertherapie ontbrak — en wat er daardoor onomkeerbaar verloren ging voor zij hun pijn konden begrijpen.
Het patroon dat zij beiden herkennen
Grace Lidinsky-Smith was in haar vroege twintig toen zij zich met ernstige depressie en lichaamshaat meldde bij een gendertherapeut. Binnen enkele maanden stond zij op testosteron; binnen het jaar werd er mastectomie geadviseerd. De therapeut vroeg niet door over de depressie, niet over de eetproblematiek, niet over de seksuele geaardheid die zij worstelend trachtte te plaatsen. Zij voltrok wat de cliënt aanbood: een transgender-identiteit, met bijbehorend medisch traject.
Corinna's verhaal loopt parallel. Een voorgeschiedenis van trauma, een eenzijdige internetcommunity die de pijn vertaalde naar dysforie, en een therapeut die het script volgde in plaats van het te toetsen. Wat in een eerder klinisch tijdperk zou zijn aangeduid als grondige differentiële diagnostiek — uitsluiten dat een depressie, een verwerkingsproces of een complex trauma de eigenlijke oorzaak van het lichaamsonbehagen is — werd in beide gevallen overgeslagen.
Wat affirmatie kost
Het Dutch Protocol uit de jaren negentig had voor dit type situatie nadrukkelijke uitsluitingscriteria: ernstige psychiatrische problematiek, instabiel functioneren, een onverwerkt trauma waren redenen om niet te behandelen, althans niet medisch. In de internationale uitrol via WPATH zijn die criteria verdund tot ze verdwenen. Wat overbleef is precies wat Grace en Corinna beschreven: bevestiging van wat de cliënt zegt, zonder verkenning van waarom zij dat zegt.
Beide vrouwen werken inmiddels publiekelijk aan voorlichting. Grace was te zien in de documentaire No Way Back; Corinna spreekt in podcasts en bij Genspect. Hun boodschap is niet ideologisch maar klinisch: gendertherapie die alleen affirmeert, is geen therapie.
Bron
Grace Lidinsky-Smith en Corinna in gesprek over gendertherapie — YouTube.